Techno 25: Toegangsnetwerken

Het gebruik van het internet is de laatste jaren exponentieel gegroeid. Traditioneel bellen privé gebruikers in met een analoge modem op het netwerk van hun ISP (Internet Service Provider) via het telefonienetwerk. De laatste mijl (‘last mile’ of ‘local loop’ of ‘lokale lus’) is het stukje van de verbinding tussen de locatie van de gebruiker en het lokale centrum (CO, Central Office) van de telefoonoperator en vormt het belangrijkste onderdeel van het toegangsnetwerk. Bij een inbelverbinding is dit de telefoondraad, een koperen gedraaid paar (copper twisted pair). Deze techniek bezet de telefoonlijn, men kan dus telefonisch niet meer worden bereikt. Ook is de bandbreedte beperkt tot maximaal 56 kb/s.

Deze Techno geeft een grondig overzicht van de bestaande technologieën in het toegangsnetwerk. Er wordt dieper ingegaan op de verschillende toegangstechnologieën die gecatalogeerd worden op basis van het transmissiemedium: koperen gedraaide paren, coaxkabel (en glasvezel), puur glasvezel en draadloos. We werpen ook een licht op de telecommunicatiemarkt en de typische problematiek, de marktspelers en hun rollen.  Verder analyseren we de mogelijkheden binnen de Sociale Zekerheid.

U vindt in deze Techno ook referenties en een uitgebreide acroniemenlijst.

Techno 25 (590 kB)